| ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ
> Terug
A
Aanhechting: De eigenschap van een verf om aan de ondergrond te hechten
Aanhechting: De eigenschap van een verf om aan de ondergrond te hechten
Acrylaat: Een hoogkwalitatief bindmiddel voor verven met duurzame elasticiteit
en kleurvastheid
Acrylaatdispersieverf: De verf is samengesteld uit acrylaten in dispersie
Ademend verfsysteem: Een systeem met een hoge waterdampdoorlaatbaarheid,
waardoor het vocht vanuit de ondergrond naar buiten kan verdampen
Afbijtmiddel: Een product voor het verwijderen van reeds verharde en oude
verflagen
Aflak: Aflak is een synoniem voor eindlaag. Deze kan zowel hoogglanzend,
satijnglanzend als mat zijn
Afzelia: Afzelia is een tropische loofboomsoort, afkomstig uit Afrika.
Het hout is donkergeel tot roodbruin en wordt vooral gebruikt in buitenschrijnwerk
Akoestische afwerking: Een geluidsdempende afwerking van wanden en/of
plafonds door speciaal absorberende materialen
Alkali: Een substantie zoals bijvoorbeeld Soda die erg destructief is
voor de verffilm
Alkydhars: Een synthetische hars op basis van vetzuren van plantaardige
oliën (bijvoorbeeld lijnolie, sojaolie) en polyolen (bijvoorbeeld
glycerine). Deze vormt de basis voor een grote variëteit aan verven,
vernissen en lakken, ook synthetische verven genoemd. Alkydhars zorgt
voor een goede aanhechting aan de ondergrond, goede glans en kleurvastheid
Anti-corrosie verf: Een metaalverf die beschermt tegen roestvorming en
direct op het metaal gebruikt wordt
Top
B
Basisverf: Een verf waaraan coloranten worden toegevoegd om de gewenste
tint te bekomen, meestal via de mengmachine.
Beits: Beitsproducten zijn al dan niet gekleurde houtbescherming- en veredelingproducten.
Beitsen worden ingedeeld in filmvormende, semi-filmvormende en niet-filmvormende
producten.
Bindmiddel: Een filmvormend ingrediënt van verf dat de pigmentdeeltjes
met elkaar bindt.
Top
C
Cellulosethinner: Een verdunnings- en/of oplosmiddel voor verfsoorten
op basis van celluloseproducten. Cellulosethinner kan gebruikt worden
voor het ontvetten van bepaalde ondergronden.
Cohesie: De interne sterkte van een verffilm
Colorant: Geconcentreerd pigment dat aan basisverf wordt toegevoegd voor
het maken van specifieke kleuren.
Corrosie: Corrosie is het proces waarbij metalen onder invloed van zuurstof
en water gaan roesten. Bij corrosie wordt een oxidatielaagje aan het oppervlak
van het metaal gevormd.
Top
D
Dekkracht: De eigenschap van een verf om een ondergrond of vorige verflaag
te dekken
Dispersiemuurverf: Een verf waarvan het bindmiddel bestaat uit kleine
vaste deeltjes in water; meestal latex of acrylaat
Doorbloeding: Ondergrondvlekken die door de eindlaag van de verf komen
Doorbloeding van hout: Voor u hout gaat behandelen, moet u eerst weten
over welk type hout het gaat: met of zonder doorbloeding van harsen. Doorbloeding
van harsen kan immers vlekken veroorzaken. Dit hout vraagt dan ook een
andere behandeling.
Hout zonder doorbloeding, zonder anti-oxydanten en dat geen vet afscheidt:
Balau (rood) Europese eiken Amerikaanse eiken Framiré
Gerutu Kastanje Limbali Meranti
Moabi Panga-panga Sapelli Sipo
Hout met doorbloeding of anti-oxydanten of dat vet afscheidt:
Afromosia Afzelia Iroko (Kambala) Kerving (Yang)
Mengkulang Merbau Niangon Padouk
Teak Tola Mahonie
Doorgedroogd: De verflaag is tot op de ondergrond doorgehard, en heeft
zijn uiteindelijke mechanische sterkte zo goed als bereikt.
Droogtijdvertrager: Een additief die aan een verf en/of vernis wordt toegevoegd
om de tijd van verwerkbaarheid te verlengen
Duurzaamheid: De eigenschap van verf om weerstand te bieden aan destructieve
invloeden zoals het weer, het zonlicht, detergenten, luchtvervuiling,
krassen, enz.
Top
E
Elastische verf: Een verf met een bepaalde soepelheid, die daardoor allerlei
invloeden en omstandigheden kan volgen (bijvoorbeeld uitzetting van de
ondergrond)
Epoxyverf: Een hoogwaardige, semi-industriële coating met uitstekende
aanhechting en heel goede kras- en chemische weerstand.
Erosie: Het verdwijnen van een verffilm veroorzaakt door het weer.
Top
F
Ferro-metalen: Ferro-metalen karakteriseren zich hoofdzakelijk door de
aanwezigheid van ijzer en staal. Gezien staal een hoog gehalte aan ijzer
bevat, roest het onder invloed van weersomstandigheden behoorlijk snel
Filmvorming: De overgang van vloeibare vorm naar vaste vorm waarbij een
dun laagje wordt gevormd
Fixeermiddel: Een primer die na aanbrengen poederende deeltjes vastzet
Fungicide: Fungicide is een actieve stof in sommige verfproducten voor
de bestrijding van mos en schimmels.
Top
G
Gegalvaniseerd: Gegalvaniseerd metaal is met een laag zink bedekt om
roest te voorkomen.
Glansgraad: Een gestandaardiseerde schaal voor het meten van de lichtweerkaatsing
van verf.
Top
H
Hardheid: De eigenschap van een verf om bestand te zijn tegen beschadiging,
zoals krassen
Hars: Een natuurlijk of synthetisch materiaal dat een belangrijk bindmiddel
is van verf. Het zorgt ook voor de aanhechting aan de ondergrond.
High Solid: High Solid verven bevatten meer vaste stoffen zoals pigmenten
en bindmiddel. Daardoor dekken ze over het algemeen beter dan conventionele
alkydharsverven.
Hoogglans: De glans van een verf wordt bepaald door de reflectie van licht
op het oppervlak. Bij een hoogglansverf worden de lichtstralen door het
oppervlak niet geabsorbeerd maar teruggekaatst.
Hydrofoberen: Het behandelen van gevels en wanden om ze waterafstotend
te maken, zonder het vochttransport naar buiten te verhinderen.
Top
I
Ijzerglimmer: Ijzerglimmer is een verfproduct met kleine ijzerpigmenten
Impregneren: Het aanbrengen van een dun vloeibaar product dat indringt
in de ondergrond.
Top
K
Kleurvastheid: De bestandheid tegen vervaging onder invloed van zonlicht
Kwarts: Een verf waaraan kwartskorrels zijn toegevoegd
Top
L
Latex: Een verf op basis van polyvinylacetaat
Loofhout: Afkomstig van bomen zoals beuken, eiken, enz. Bomen die loofhout
voortbrengen zijn bladdragend en hebben elk jaar een nieuwe groei- en
afsterfperiode
Top
M
Mat: Matte oppervlakken weerkaatsen geen lichtstralen maar absorberen
die volledig
Meranti: Meranti is een loofboomhoutsoort, afkomstig van Maleisië
en Indonesië. Meranti wordt hoofdzakelijk gebruikt voor buiten- en
binnenschrijnwerk.
Merbau: Merbau is een tropische loofboomsoort. Merbau wordt vooral gebruikt
voor buitenschrijnwerk
Microporeus: Ademend
Multicolour: Een multicolour is een verf voor decoratieve afwerking met
deeltjes die van kleur verschillen en zich onderling niet mengen
Top
N
NCS: Zweeds kleurenclassificatiesysteem
Naaldhout: Hout dat afkomstig is van naaldbomen zoals vuren, grenen, enz.
Non-ferro metalen: Metalen zoals zink, aluminium en koper, met uitzondering
van ijzer.
Top
O
Ontglanzen: Mat schuren is aan te raden om de hechting van de volgende
verflaag te verbeteren.
Ontstoffen: Een behandeling waarbij alle stof van een manueel of machinaal
geschuurde ondergrond wordt verwijderd
Ontvetten: Een behandeling waarbij de ondergrond van vet wordt ontdaan
met ontvettingsproducten.
Opaciteit: Het dekkend vermogen van een verf: de mate waarin de ondergrond
niet meer visueel zichtbaar is
Overlapping: Een strook verf over het uiteinde van de vorige strook, met
een dikkere verffilm en glansverschil als gevolg.
Top
P
Patineren: Een techniek die het verouderingsproces van een verf imiteert
Pot-life: De tijd dat een tweecomponenten verf te gebruiken is nadat ze
is gemengd
Primer: Een primer is een verfproduct gebruikt als grondlaag. Deze laag
zorgt ervoor dat de eindlaag zich vasthecht aan de ondergrond.
Top
R
RAL-kleur: Ral is een Duits instituut dat een reeks kleuren gestandaardiseerd
heeft.
Rendement: Het aantal vierkante meter dat te behandelen is met 1 liter
verfproduct
Reukarm: Een verf of vernis die bij het toepassen en drogen weinig geurhinder
geeft
Top
S
Scheuroverbruggend: De eigenschap van de verffilm om kleine gaatjes of
scheurtjes te verbergen.
Schuurbaar: De verflaag is voldoende hard geworden om te schuren als voorbereiding
voor verdere behandelingen
Schuurmiddel: Schuurmiddelen worden gebruikt om een ondergrond te verwijderen.
Voorbeelden: schuurpapier, staalwol, puimsteen
Solventgedragen: Een verf die oplosmiddelen bevat op basis van koolwaterstoffen,
bijvoorbeeld White Spirit
Spatelplamuur: Een plamuur die met de spatel dient aangebracht te worden
Stofdroog: De verflaag is zo ver gedroogd dat fijn stof er niet meer blijft
inkleven
Structuurverf: Een verf die, in functie van het gebruikte applicatiemateriaal,
een gestructureerd oppervlak creëert
Synthetisch: Verfproducten met kunstharsen als basisgrondstof.
Top
T
Terpentine: Een kleurloze vloeistof die gebruikt wordt als verdunningsmiddel
bij solventgedragen verf en vernis.
Transparant: Een doorschijnende, beschermende en decoratieve laag, meestal
vernis of beits
Transparante of dekkende laag: U kan hout met een transparante of dekkende
laag afwerken:
Transparante afwerking:
Vernis vormt een bijzonder sterke en transparante film op het houtoppervlak.
Beits kan het hout kleuren met een mat, zijdeglans of hoogglans aspect,
maar laat de nerfstructuur van het hout zichtbaar. De beits dringt in
het hout en vormt geen film, maar een ademende laag.
Dekkende beits:
Deze beits kan u laten aankleuren in de gewenste tint. Hij vormt een dikkere
laag op uw hout maar de nerfstructuur blijft zichtbaar.
De beits dringt in het hout en vormt geen film, maar een ademende laag.
Dekkende afwerking:
Lak vormt een laag in zijde- of hoogglans waarbij de nerfstructuur niet
meer zichtbaar is.
Twee-componenten: Producten die bestaan uit een basis en een verharder.
Door het mengen van deze beide componenten ontstaat er een chemische reactie
waardoor het samengestelde product gaat verharden.
Top
U
UV-bestendig: Niet gevoelig voor UV-stralen
Uitzettingscoëfficient: De eigenschap van een verf om uit te zetten
of in te krimpen tijdens temperatuurschommelingen
Urethaan-Alkyd: Een gecombineerd bindmiddel dat verf een hoge krasvastheid
geeft
Urethaanhoudend: Een bindmiddel dat deels of helemaal bestaat uit urethaanharsen
Top
V
Verffilm: De laagdikte van verf op de ondergrond
Verfsysteem: Een verfsysteem bestaat meestal een grondlaag, een tussenlaag
en een eindlaag.
Vergeling: De ontwikkeling van een gele schijn in witte, gekleurde of
transparante eindlagen
Vernis: Een transparante vloeistof voor een decoratieve en beschermde
laag die droogt bij blootstelling aan lucht
Verpoederen: De vorming van los poeder op een ondergrond of verf na blootstelling
aan allerlei invloeden
Viscositeit: De dikte van de verf in vloeibare vorm
Vloei: De eigenschap van een verf om na aanbrengen een gladde film te
vormen. Verf met een goede vloei laat meestal weinig borstel- en rolmarkeringen
zien
Vochtregulerend: De eigenschap van materialen waarbij, onder invloed van
de temperatuur, het vocht uit dit materiaal verdampt. Hierdoor wordt een
vochtevenwicht in het materiaal bereikt.
Vulmiddel: Een product dat de poriën van hout vult voor het aanbrengen
van een grond- of eindlaag.
Top
W
Waterdampdoorlatend: Een term die aangeeft in hoeverre de verffilm het
aanwezige of bijkomende vocht vanuit de ondergrond kan doorlaten.
Watergedragen: Een verf die te verdunnen is met water
White Spirit: Een verdunner of schoonmaakmiddel voor synthetische verf.
Top
Z
Zijdeglans: In een verflaag met zijdeglans wordt een beperkt gedeelte
van het geprojecteerde licht gereflecteerd. De glansgraad ligt tussen
hoogglans en mat
Top
> Terug |